Pruis!
In de prachtige Terloops reeks van uitgeverij Van Oorschot verschenen er al bijna dertig boekjes. Ik heb er een tiental. Pareltjes, stuk voor stuk.
Maar Zonnehuis steekt er toch nog wat bovenuit. Want ja; het is een Marja Pruis. En er staat een lieveheersbeestje op de cover. Maar bovenal raakt het me zo door de herkenbaarheid. Dat ik het las op de verjaardag van mijn overleden grootmoeder zal er ook wel iets met te maken hebben.
Familie is iets moois en lastigs tegelijk. Het is de plek waar we thuishoren maar ook vaak de plaats waar we niet lijken te passen. We delen veel maar zeggen niet alles. Er wordt veel gevoeld en niet alles is fijn. En toch horen we er thuis. Maken de mensen, de huizen, de straten uit ons verleden deel uit van ons heden. Ze zijn in ons verankerd, trekken aan ons en houden ons vast als we dreigen te kapseizen.
Pruis schrijft levendig en gedetailleerd over Amsterdam-Noord, met veel liefde, weemoed en een loepzuivere stem. En al die tijd waande ik me op de plek waar mijn wortels liggen. Mooi, mooi, mooi.
Synopsis
Persoonlijk wandelverhaal waarin de Nederlandse schrijver en essayist (1959) terugkeert naar Tuindorp Oostzaan, de arbeidersbuurt in Amsterdam-Noord waar haar familie vandaan komt.