De koorddans tussen erbij horen en jezelf zijn - in tijden van oorlog als in vrede
“Viktor - Judith Fanto” *****
Waar ik ‘Narcis’ eerder als toeschouwer las, vanuit een meer rationele benadering die wilde begrijpen, en ik soms de neiging had de verteller ‘wakker’ te schudden, ‘come to your senses’, greep ‘Viktor’ me meteen emotioneel in mijn nekvel. Dat is zo gebleven en tot de laatste bladzijde alleen sterker geworden. Wellicht omdat het ook ‘fysieker’ geschreven is, waardoor de personages mij althans levendiger, méér levend, voorkomen. Ongetwijfeld ook omdat ze meer aansluiten bij hoe ik in elkaar zit. Eerst voelen dan denken. Impulsief. Een beetje Viktor en een beetje Geertje/Judith.
Waar in ‘Narcis’ de geur als een extra draad doorheen het verhaal loopt, is het hier de muziek van Mahler. En Mahler zelf, de Jood die zelfs een leidraad wordt voor hoe de familie Rosenbaum hun eigen leven probeert te verklaren, goed te praten, te omzeilen.
We volgen hen in de aanloop naar en in de jaren van WO II.
In een tweede verhaallijn volgen we in het hier en nu Geertje, die zich vreemd genoeg meer Joods voelt dan schijnbaar haar hele familie bij elkaar.
Er drukt een schaamte op hen, een onderdrukte boosheid, een schuld, een geheim.
Waarom mag je niet te Joods zijn, of je in elk geval niet te veel als zodanig gedragen?
Het is alsof haar bestaan, zoals het bedoeld is, wordt afgepakt. En omdat ze het terug wil, noemt ze zichzelf voortaan Judith en probeert diep in de familiegeschiedenis terug te gaan, om bloot te leggen wat zo krampachtig voor haar verzwegen wordt.
De twee verhaallijnen wisselen elkaar af, spelen op elkaar in, vullen elkaar aan.
Op die manier weeft Geertje/Judith haar eigen draad in het familietapijt. Dat gaat niet zonder slag of stoot of zonder hen tegen de haren in te strijken. Ze stuit op weerstand, maar heeft de koppigheid van Viktor, de oom die niet in hokjes paste, de rebel, de blanke pit maar hij in de bolster van rokkenjager, twaalf stielen dertien ongelukken. De band met zijn vader Anton is op het scherp van de (vaak ironische) snee, in tegenstelling tot die met zijn oom Ernst, twee zielen die elkaar vinden.
Het kan verkeren…
Terwijl Geertje haar identiteit zoekt, zie je hoe in het verleden in Oostenrijk de haat aanwakkert, hoe de ene in naïef geloof de ogen sluit en de ander probeert de nazi’s een stap voor te zijn.
Er rijzen de existentiële vragen naar wat loyaliteit aan je geloof is, aan je volk, aan de gemeenschap. Hoe ver ga je om je eigen vel en dat van je geliefden te redden?
En wat doet dat vanbinnen met een mens? Om te vluchten, de anderen achter te laten die zullen sterven?
Waarom red je iemand, laat je hem onderduiken? Is de ene naaste misschien de andere niet?
En wat gerechtigheid is, rechtvaardigheid. Vanuit juridisch en vanuit menselijk oogpunt.
Hoe de verschillende standpunten ook een wig drijven in de familie, niet alleen in de wereld rondom tussen Jood en niet-Jood.
Hoe de buitenkant niet altijd is wat het lijkt.
Hoe het verleden doorweegt tot in de dagen van nu – dus, van wie is de Holocaust?
Het verhaal is sterk opgebouwd en belicht aspecten van de holocaust die ook in de bedreigde wereldvrede van vandaag pijnlijk herkenbaar zijn.
Er zijn verrassende plotwendingen die de spanningsboog verder oprekken, maar vooral de psychische menselijke evolutie heeft een overtuigende diepgang, die voor mij het aangrijpende hoogtepunt bereikt op het moment dat vader Anton in de rechtbank optreedt als Viktors advocaat.
Fanto’s stijl is vlot, niet gespeend van humor, niet pathetisch. Alleen met hier en daar een enkele – voor mij – wat ‘overdadige’ of ‘omslachtige’ zin om bv. een woord geen tweemaal na elkaar te gebruiken. Maar dat is zout op slakken gooien.
Het is een sterk, prachtig, beklijvend verhaal.
Ik houd van de personages, in al hun veelzijdigheid.
En Geertje/Judith is vrij. Bevrijd van het grote, duistere, beklemmende ‘Het’ dat als een Joodse erfzonde op de familie en misschien wel op het gros van het Joodse volk weegt:
‘Alleen wanneer ik precies weet waar ik vandaan kom, kan ik kiezen wat ik behoud en wat ik loslaat.’
Synopsis
Een jonge vrouw gaat op zoek naar haar familiegeschiedenis die terugvoert naar het Wenen van voor de Eerste Wereldoorlog.