Onderzoek naar de dood van koning Albert I
Er
werd ons altijd voorgehouden dat koning Albert I gestorven is door
een val van een rots in Marche-les-Dames, maar is dit wel waar ?
Johan
Op De Beeck heeft zich degelijk gedocumenteerd, niet enkel over de
dood van de koning in 1934, maar ook over zijn koningschap vanaf 1909.
Er worden tal van historische figuren en feiten opgevoerd in het
verhaal en de politieke situatie voor en na de oorlog wordt
toegelicht. Zeker de situatie na de jaren 30, met de economische
crisis, de vele regeringswissels in Frankrijk en de opkomst van
Hitler en het nazisme in Duitsland.
In
België is de economische neergang ook voelbaar, te meer omdat de
beloofde herstelbetalingen na de oorlog achterwege bleven. Vlamingen
zijn teleurgesteld omdat hun eisen onvoldoende ingewilligd worden en
sommige Franstaligen willen dichter bij Frankrijk aanleunen. Een
roerige periode, waarbij radicale standpunten rijpten bij sommige
groeperingen.
Zeker
het eerste deel van deze roman is dan ook duidelijk een historische
roman, maar dan zeer vlot geschreven, ook voor mensen die geen
specialist ter zake zijn. Op De Beeck doet dit door het onderzoek te
laten uitvoeren door twee fictieve personages, beiden veteranen van
WO I. Het zijn Romain Goethals als de bekwame speurder die te veel
drinkt, de regeltjes aan zijn laars lapt en de vrouwtjes graag ziet
en sergeant Kimpe, de brave, moedige en uiterst trouwe assistent.
Hierdoor krijgt dit historische verhaal toch vaart, spanning en
lichtheid, wat de leesbaarheid ten goede komt.
Het
onderzoek naar de moord op Albert I blijkt onvolledig, diverse sporen
werden niet onderzocht en er waren heel wat feiten die elkaar
tegenspraken. Het is dan ook begrijpelijk dat er in die tijd vragen
werden gesteld bij de officiële doodverklaring. Albert was een
geliefd vorst, zeker omdat hij tijdens de oorlog in de Westhoek
verbleef, zelf het oppercommando van zijn troepen voerde en zijn
manschappen niet nodeloos in gevaar wou brengen. Voor veel veteranen
was hij dan ook hun absolute leider. Goethals en Kimpe willen dan
ook “te allen prijze” uitzoeken wat er gebeurd is.
Hoe
verder het boek vordert hoe minder het een geschiedkundig verhaal
wordt en hoe meer een detective, maar dan wel geschreven binnen de
tijdsgeest – de jaren 30 dus. Het ademt de sfeer uit van de “film
noir” en de spanning wordt constant gehouden, zodat het vlot leest.
Dat het dramatisch effect soms wat hoog is en de geloofwaardigheid
wat minder, nemen we er graag bij.
Op De Beeck heeft deze geschiedenis naar voor willen brengen, waarbij zijn respect voor deze vorst duidelijk is. Wat er gebeurd is, is niet duidelijk. Wat hij beschrijft kan gebeurd zijn, maar hij besluit zijn boek dan ook terecht als volgt : “Albert I was een koning die zijn troon waardig is geweest. Laat hem daarom rusten in vrede.” Een boek dat ik iedereen kan aanraden, zeker de mensen die historische fictie kunnen smaken.