Tot in het absurde
De verhalen van Schweblin scheren op de grens van magisch-realisme en absurditeit.
Misschien best nog enkele verhaallijnen zonder alles te onthullen.
Een jong meisje neemt kleine zangvogels uit een kooi, verorbert ze levend om haar huid te verzorgen, de moeder en vader staan erbij en kijken toe.
Een man doodt zijn vrouw, stopt het lichaam in een reiskoffer en zoekt zijn psycholoog op voor hulp. Zijn bekentenis wordt wel heel uitzonderlijk beoordeelt door zijn geneesheer.
Een klein, landelijk treinstation, een reiziger die zijn kaartje verliest en geen gepast, kleingeld heeft, een stationschef die een ticket weigert en elke dag de trein geen stopteken geeft. Onze reiziger wordt samen met enkele lotgenoten opgenomen in een soort van gezin.
Meer nog dan de plot van de verhalen, treft mij de omineuze sfeer, vooral door de koele, zakelijke stijl van vertellen. De auteur houdt haar personages wat onpersoonlijk, wat op de achtergrond, om des te meer het verhaal te laten doorklinken, en klinken doen ze.
Synopsis
De verhalen Wanhopige vrouwen, Op weg naar de vrolijke beschaving, Een hond doden en De zware koffer van Benavides zijn afkomstig uit de bundel El núcleo del disturbio.