Na de oorlog zijn er alleen slachtoffers
Henry
Benett is gewond thuisgekomen van het front maar is vervreemd van
zijn leven van voor de oorlog, van zijn ouders, van zijn verloofde.
Hij besluit om terug naar Ieper te gaan.
Henry
was soldaat in het Engelse leger, die behoorde tot de groep die de
Duitsers overwon, maar hij voelt zich geen overwinnaar, wel een
slachtoffer.
Aline
beschrijft de ontreddering in de loopgraven voor de soldaten, het
slijk, de angst, de chaos, de geur van ontbinding, de verzonken
lijken. Onmenselijke belevenissen die bij de soldaten blijvende
psychische schade veroorzaken.
Wat
moet je naar het thuisfront schrijven in de loopgraven ? Moet je
schrijven over de ontreddering of nietszeggende halve leugens noteren
?
De
mensen thuis hebben het moeilijk en moeten zichzelf zien te redden
als gezinsleden gaan vechten, als ze omkomen of zwaar gewond
terugkeren. En zij die terugkeren zijn veelal getekend.
Na
de oorlog zitten de mensen in de Westhoek met een land vol munitie,
puin en gesneuvelden. Akkers zijn onvruchtbaar, gebouwen vernield.
Toeristen komen kijken naar het slagveld, mensen gaan op zoek naar
begraafplaatsen, naar vermisten.
Aline
Sax schrijft dit boek in een zuivere taal. Er zijn geen helden, geen
grootse daden. Ze schrijft over de excessen met het gifgas, het
gebruik van alcohol en drugs, de zelfverminking om maar naar huis te
kunnen, de doodsangst bij de raids die uitgedacht worden door
officieren in veilige bunkers. Er zijn geen goeden, geen slechten,
enkel kleine mensen, en veel slachtoffers.
In
het boek stelt Henry dat zoveel onmenselijkheid niet mag vergeten
worden, maar hij vraagt zich af hoe je een oorlog moet gedenken. Dit
boek is een goede manier, het is een monument met als thema: nooit
meer oorlog.
Synopsis
Na terugkeer uit de Eerste Wereldoorlog voelt een Britse veteraan zich onthecht en besluit hij terug te keren naar de Belgische frontstreek.